Zeeuwse bolussen

Het is alweer even geleden dat ik hier iets van me heb laten horen. Ik begon maart met de belofte dat ik minder vlees zou eten en het idee dat ik veel lekkere vegetarische gerechtjes zou posten. Helaas, de ene week na de andere bleek erg druk – zo mocht ik een hele week op cursus – en van vernieuwende dingen koken kwam niet veel. Dat zijn van die dagen dat ik erg blij ben met deze blog. Ik schrijf op de kalender wat we eten, vriendlief zoekt het recept op en zet de ingrediënten vast klaar, snijdt misschien zelfs al wel wat en als ik thuis kom, staat het eten binnen een kwartiertje op tafel. Handig!

Maar nu loopt maart op zijn eind, is het morgen Pasen en is het tijd voor iets lekkers! Voor de foodblogswap van deze maand mocht ik koken van Foodaholic.nl, een blog van twee zusjes die van lekker koken houden. Toevallig mochten zij deze maand ook van mijn blog koken!

Kaneelrolletjes staan al heel lang op mijn to-cook-list. En zie daar, op Foodaholic vond ik een wel erg makkelijk recept, ideaal voor de paasbrunch! Maar helaas. Het blijkt dat half Nederland op de zaterdag voor Pasen op zoek gaat naar croissantdeeg. Geen kaneelrolletjes dit weekend dus, maar tijd voor
plan B: Zeeuwse bolussen. Ook een item wat ik al heel lang wil maken, maar waar ik tegen op bleef zien. Dit recept blijkt behoorlijk eenvoudig, onzin dus om hier nog langer tegenop te zien.

Voor Pasen halveerde ik het recept van Foodaholic en maakte ik 8 kleine bolussen. Zo kun je én lekker genieten van deze geweldige broodjes, én houd je nog ruimte over voor ander lekkers!

Zeeuwse bolussen

Het recept voor Zeeuwse bolussen

Bereidingstijd: 20 minuten + 20 minuten rijstijd + 10 minuten oventijd

Ingrediënten voor 8 kleine bolussen:

  • 250 gram bloem
  • 1 eetlepel suiker
  • een half geklutst ei
  • 2 gram zout
  • 7 gram gedroogde gist
  • 125 ml lauwwarm water
  • 12 gram zachte roomboter
  • 1 flinke eetlepel kaneel
  • 60 gram bruine basterdsuiker
  • 40 gram grove kristalsuiker

Maak het deeg door achtereenvolgens zout, bloem, gist en de ene eetlepel suiker in een kom te doen. Meng het halve ei met het lauwwarme water, maak een kuiltje in de droge ingrediënten en giet daar het ei-water in. Roer en kneed tot het een soepele deegbal is (duurt ongeveer 2 minuten). Voeg dan de roomboter in stukjes toe en kneed ook deze er doorheen. Voeg eventueel een eetlepel bloem toe als je deeg te plakkerig wordt. Kneed het deeg 4 minuten.

Verdeel je deegbal in 8 gelijke bolletjes van ongeveer 55-60 gram en laat deze bolletjes op een warme plek 20 minuten rijzen. Meng ondertussen de kaneel, basterdsuiker en grove kristalsuiker in een diep bord, om dadelijk je deeg doorheen te halen. Verwarm ook de oven vast voor op 220 graden.

Na 20 minuten rijzen rol je met natte handen voorzichtig slierten van ongeveer 1 cm dik van de deegbolletjes. Haal de slierten door het suiker-kaneelmengsel, vorm er minibolussen (ze rijzen nog in de oven!) van en leg deze op een met bakpapier beklede bakplaat. Bak de bolussen in 10 minuten op 220 graden goudbruin en gaar.

PS. De bolussen zijn het lekkerst op de dag zelf. Wil je ze een dag later heel erg lekker maken, smeer ze dan in met een papje van 1 flinke eetlepel basterdsuiker en 1 eetlepel water en piep ze dan even (3 minuten?) op in een voorverwarmde oven op 200 graden. Dan zien ze eruit zoals hieronder. Geniet ervan!

Zeeuwse bolussen2

FacebookTwitterGoogle+Share

marjolein

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *